Jung en dromen, de initiale droom

Blog Maand: maart 2015 De Zwitserse psychiater C.G. Jung (1875 – 1961) heeft zich gedurende zijn lange carrière intensief met dromen bezig gehouden. Hij beschouwde de droom als middel tot het opsporen en bewust worden van tot dan onbewuste inhouden. Deze inhouden zag hij als belangrijk voor de verklaring of de behandeling van een neurose (het woord neurose wordt hier gebruikt zoals Jung dat doet in zijn werk) . Maar (in tegenstelling tot Freud) zie hij dromen niet alléén als een instrument om de oorzaken van een neurose mee te ontdekken, hij is van mening dat de droom daarnaast een prognose over het ziekteverloop en een therapeutische suggestie kan bieden. Vooral initiale dromen - dromen uit het allereerste begin van de psychotherapeutische behandeling - kunnen deze drie onderwerpen combineren. Een bekend voorbeeld hiervan is ‘De man met hoogteziekte’. Een man in een leidende positie komt Jung consulteren. Hij leidt aan angsten, onzekerheid, duizeligheid en soms tot misselijk wordens toe, aan sufheid en benauwdheid. Jung ziet – als Zwitster - de gelijkenis met bergziekte. Deze patiënt heeft een bijzonder succesvolle carrière achter zich. Hij is geboren als zoon van een arme boer en heeft zich door zijn grote ijver en begaafdheid opgewerkt op de maatschappelijke ladder tot hij een leidende functie bereikte. Op het moment dat hij Jung raadpleegt heeft deze man de kans op een nóg hogere positie ware het niet dat een neurose tussenbeide komt met alle bovengenoemde symptomen. De patiënt kwam ook met twee dromen van de laatste nacht voorafgaand aan het eerste consult. De eerste droom luidde: ‘Ik ben weer in het kleine dorp waar ik...